22133550_omslag108px
Rss

Beleidsonderzoek Online


Over dit tijdschrift  
Gevonden artikelen Alle samenvattingen uitklappen

    Hoeveel nieuwe methoden en technieken van sociaalwetenschappelijk onderzoek zijn er sinds de jaren zestig van de vorige eeuw bij gekomen? Moderne ICT heeft het allemaal wel sneller en makkelijker gemaakt, maar in wezen gaat het nog steeds om dezelfde methoden, wellicht op een enkele uitzondering na. Maar misschien levert deze column reacties op die dit tegenspreken.


Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar Toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was gedurende zijn gehele loopbaan actief als beleidsonderzoeker bij meerdere onderzoeksbureaus. Hij geeft regelmatig adviezen ten behoeve van beleidsevaluaties bij enkele ministeries. Hij is auteur en redacteur van diverse boeken over beleidsonderzoek.

    De focus op effectiviteit en vooral ook efficiëntie in beleid leidt wellicht tot beleidsuitvoering die efficiënt is voor de overheid, maar of dat ook zo is voor andere stakeholders, wordt misschien uit het oog verloren. Dat laat de huidige coronacrisis zien, maar blijkt ook uit andere voorbeelden. Voor beleidsonderzoek is het relevant om beleid te evalueren binnen de bredere maatschappelijke context en met de vraag voor wie beleid efficiënt is.


Jos Mevissen
Jos Mevissen is zelfstandig adviseur voor en begeleider van beleidsonderzoek en voorzitter van de redactie van Beleidsonderzoek Online.

    Nederland staat voor forse en complexe beleidsopgaven. Deze opgaven vragen om een bijzondere beleidsaanpak met een aansluitende wijze van beleidsevaluatie – namelijk één die leren ondersteunt om iteratief de kwaliteit van het beleid te verbeteren en de weg naar de beleidsambities te vinden. Beleidsonderzoekers en beleidsbetrokkenen werken in lerende evaluaties samen om kennis te produceren voor het gelijktijdig verantwoorden en leren van beleid. Verondersteld wordt dat de kwaliteit en bruikbaarheid van de geproduceerde kennis met deze benadering groter zijn dan bij reguliere, op verantwoording georiënteerde, evaluatiemethoden. Als gevolg daarvan zou lerend evalueren meer impact hebben op beleid voor complexe opgaven. In dit artikel wordt aandacht besteed aan de waarde van lerend evalueren vanuit het perspectief van beleidsbetrokkenen en beleidsonderzoekers van de lerende evaluatie van het Natuurpact (2014-2017), uitgevoerd door het PBL en de WUR. Geconcludeerd wordt dat lerend evalueren de kwaliteit, bruikbaarheid en impact (minder aantoonbaar) van de geproduceerde kennis vergroot, maar onder specifieke voorwaarden: namelijk wanneer onderzoekers erin slagen om leren en verantwoorden, met de bijbehorende rollen en kwaliteitsstandaarden, te benaderen als wederzijds versterkend in plaats van tegenstrijdig. Onderzoekers hebben voelsprieten nodig voor de wisselwerking tussen het proces van kennisproductie en de politiek-bestuurlijke context waarin deze kennis wordt gebruikt. Zowel in de beleids- als onderzoekspraktijk is ruimte nodig voor een verbrede kijk op de functie van beleidsevaluatie om lerend evalueren toe te kunnen passen.


Lisa Verwoerd
Lisa Verwoerd is werkzaam bij het Athena Instituut, Vrije Universiteit Amsterdam, en het Planbureau voor de Leefomgeving te Den Haag.

Pim Klaassen
Pim Klaassen is werkzaam bij het Athena Instituut, Vrije Universiteit Amsterdam.

Barbara J. Regeer
Barbara J. Regeer is werkzaam bij het Athena Instituut, Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Inzet op omgevingsbewust en kwaliteitsbewust werken in beleidsonderzoek

Illustraties uit de lerende evaluatie van het Natuurpact van het Planbureau voor de Leefomgeving

Auteurs Eva Kunseler, Lisa Verwoerd en Femke Verwest
SamenvattingAuteursinformatie

    Een reflexieve kijk op beleidsonderzoek gaat uit van continue dynamiek tussen kennisontwikkeling en beleids- en uitvoeringspraktijken. Beleidsonderzoekers zoeken naar houvast om gedegen en relevant onderzoek te blijven doen, onderwijl inspelend op onzekerheden, onvoorspelbaarheid en kritische geluiden die kenmerkend zijn voor de huidige kennissamenleving. Via omgevingsbewust werken kunnen zij hun onderzoeksaanpak leren afstemmen op de kenmerken en maatschappelijke context van beleidsdossiers. Via kwaliteitsbewust werken kunnen zij leren inspelen op de verwachtingen rondom een bepaalde expertrol en onderzoeksaanpak binnen de eigen contexten van onafhankelijkheid en wetenschappelijke verantwoording.
    Aan de hand van een casus – de lerende evaluatie van het Natuurpact, een innovatieve evaluatiestudie bij het Planbureau voor de Leefomgeving – laten we zien hoe een reflexieve aanpak helpt om onderzoek in de nabijheid van de dynamische beleidspraktijk uit te voeren. Doordat deze aanpak buiten de comfortzone van onderzoekers ligt, is omgevingsbewust en kwaliteitsbewust werken voor onderzoekers geen vanzelfsprekendheid. We roepen beleidsonderzoekers zelf, de organisaties waar ze werkzaam zijn en beleidsmedewerkers op om hun reflexieve vaardigheden verder te ontwikkelen via het inrichten van lerende processen, effectieve kennisdeling via Communities of Practice en leerwerktrajecten, en open en adaptieve kennis-beleidsarrangementen.


Eva Kunseler
Eva Kunseler is wetenschappelijk medewerker bij het Planbureau voor de Leefomgeving.

Lisa Verwoerd
Lisa Verwoerd is wetenschappelijk medewerker bij het Planbureau voor de Leefomgeving en onderzoeker bij het Athena Instituut, Vrije Universiteit Amsterdam.

Femke Verwest
Femke Verwest is plaatsvervangend sectorhoofd Natuur en Landelijk Gebied bij het Planbureau voor de Leefomgeving.

    Het boek van voormalig topambtenaar Roel Bekker Dat had niet zo gemoeten! analyseert op scherpe wijze fouten en falen bij de overheid. Doordat de overheid allerlei steken laat vallen bij de voorbereiding van beleid en bovendien te weinig leert van beleidsevaluaties, ontstaat er beleid dat verre van optimaal functioneert, onder meer omdat de uitvoering wordt belast met (zeer) ingewikkelde procedures. Voor de overheid valt uit dit boek veel te leren over hoe het beter kan worden aangepakt. De vraag is wel of dat ook gaat gebeuren, want eerdere publicaties met waardevolle aanbevelingen op dit gebied hebben maar weinig effect gehad.


Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar Toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was gedurende zijn gehele loopbaan actief als beleidsonderzoeker bij meerdere onderzoeksbureaus. Hij geeft regelmatig adviezen ten behoeve van beleidsevaluaties bij enkele ministeries. Hij is auteur en redacteur van diverse boeken over beleidsonderzoek.

    Onder redactie van B. Guy Peters en Guillaume Fontaine verscheen in 2020 bij EE Publishers een handboek over vergelijkende beleidsanalyse. Dit terrein van onderzoek heeft stevige raakvlakken met beleidsevaluatie en beleidsanalyses (als die niet-vergelijkend zijn). Een breed en interessant spectrum van onderwerpen komt aan de orde, onder andere over methodologie(en), de rol van theorieën, diverse inhoudelijke onderwerpen en – voor wie het breed wil interpreteren – zelfs de groei van kennis op dit specialisme.


Frans L. Leeuw
Frans L. Leeuw is emeritus hoogleraar Recht, Openbaar Bestuur en Sociaalwetenschappelijk Onderzoek aan Maastricht University.
Artikel

Access_open Ethics work for good participatory action research

Engaging in a commitment to epistemic justice

Auteurs Tineke Abma
SamenvattingAuteursinformatie

    Participatory and responsive approaches to research strive to be democratic, inclusive and impactful. Participatory researchers share a commitment to epistemic justice and actively engage citizens and users as well as other stakeholders in the co-creation of knowledge for social change. While more and more researchers and policymakers feel attracted to these approaches in practice, the normative ideals of social inclusion and justice are sometimes hard to realize, because of established interests, power relations and system requirements. In this article I argue that participatory researchers and evaluators have a moral responsibility to do ‘ethics work’. This is more than just following ethical principles and codes of conduct. ‘Ethics work’ entails the labour and effort one puts into recognizing ethically salient aspects of situations, developing oneself as a reflexive practitioner, paying attention to emotions and relationships, collaboratively working out the right course of action and reflecting in the company of critical friends. In this article I present the theory and ethics of participatory approaches, illustrate ethical issues and ethics work related to collaboration, politics and power, and share lessons based on ten years of practice in the field of health and social well-being.

    Vooraf

    Participatief actieonderzoek en responsieve evaluatie staan volop in de belangstelling bij beleidsmakers en onderzoekers. Dit type beleidsonderzoek en -evaluatie beoogt democratisch, inclusief én impactvol te zijn. Het gaat om onderzoek mét in plaats van óver mensen. En het is actiegericht: onderzoek wil bijdragen aan concrete oplossingen door met betrokkenen gezamenlijke (verbeter)acties te ontwikkelen in de praktijk, en daarop te reflecteren en van te leren. Dit alles met het oog op sociale inclusie. Het zijn mooie idealen, maar wat betekent dit in de alledaagse, vaak weerbarstige onderzoekspraktijk?

    Op 20 januari 2020 organiseerde prof. Abma daarover een symposium, getiteld ‘Responsive, Participatory Research: Past, Present and Future Perspectives’ (Vrije Universiteit, Amsterdam). De rode draad op het symposium was de vraag wat goed en ethisch verantwoord participatief onderzoek is, en wat dit vraagt van onderzoekers en beleidsmakers. Drie lezingen op deze conferentie zijn nadien omgewerkt tot essays om lezers van Beleidsonderzoek Online vanuit verschillende perspectieven beter kennis te laten maken met deze vorm van onderzoek:

    Prof. Weerman en haar team focussen in hun bijdrage op het zich in de praktijk ontwikkelende onderzoeksdesign en het inzetten van creatieve methoden om participatie te bevorderen. Ze gaan na welke kwaliteitscriteria aan participatief actieonderzoek worden gesteld en hechten daarbij met name aan eisen ten aanzien van participatie, samen leren en verschil maken (zie BoO juli 2021). Ze benadrukken het belang van creativiteit en flexibiliteit.

    Prof. Abma bespreekt in haar artikel de normatieve dimensies en de ethiek van participatief actieonderzoek (zie BoO september 2020). Ze illustreert met een voorbeeld uit de crisishulpverlening aan GGZ-cliënten dat participatief actieonderzoek niet slechts een methodisch-technische exercitie is, maar een sociaal-politiek proces waarbij bestaande machtsverhoudingen verschuiven om ruimte te geven aan nieuwe stemmen en kennis. Dit omvat het zien van en stilstaan bij ethisch saillante dilemma’s en morele reflectie.

    De bijdrage van prof. Cook (zie BoO februari 2021) gaat over de weerbarstige praktijk van participatief actieonderzoek. Het doel is samen leren en voorbij geijkte oplossingen komen. Zij laat zien dat dit uitdagend is voor professionals die geconfronteerd worden met burgers die feedback geven en vragen om het (deels) loslaten van vaststaande professionele kaders. Er ontstaat dan ongemak en onzekerheid, maar zo beoogt en laat Cook overtuigend zien, deze ‘mess’ (niet meer goed weten wat goed en nodig is) is productief om te komen tot hernieuwde inzichten en innovaties.

    (Introductietekst opgesteld door prof. T. Abma)


Tineke Abma
Tineke A. Abma is Professor Participation & Diversity Amsterdam University Medical Centres, Amsterdam, and Executive Director of Leyden Academy on Vitality and Ageing, Leiden.

    In maart 2020 verscheen het boek Beleidsevaluatie in theorie en praktijk van Peter van der Knaap, Valérie Pattyn en Dick Hanemaayer. Joost Fledderus bespreekt de inhoud van het boek en geeft aan welke meerwaarde het biedt voor (aankomende) beleidsonderzoekers.


Joost Fledderus
Joost Fledderus is senior adviseur Onderzoek & Statistiek bij de gemeente Arnhem en is redactielid van Beleidsonderzoek Online.
Artikel

Access_open Nudging in perspectief

De verbreding van gedragsinzichten in beleid

Auteurs Pieter Raymaekers en Marleen Brans
SamenvattingAuteursinformatie

    Theorieën en methoden uit de gedragswetenschappen betreden steeds nadrukkelijker de beleidsscene. Gedragsinzichten en nudging beloven beleid te verrijken en te versterken. Het begin van deze gedragswetenschappelijke omslag of behavioural turn laat men doorgaans samenvallen met de publicatie van het boek Nudge van Richard Thaler en Cass Sunstein in 2008. In dit artikel plaatsen we nudging in perspectief en argumenteren we dat het concept zowel een zegen als een vloek betekent, en zowel een katalysator als een rem is voor de bredere toepassing en verankering van gedragsinzichten in beleid. Ondanks het aantrekkelijke narratief botst nudging op functionele limieten en ethische bezwaren. Om de gedragswetenschappelijke, experimentele en evidence-based beleidsbeloften alsnog in te lossen, zien we een strategie van steeds verdere verbreding. Het programma van de Behavioural Insights-beweging op basis van vijf pijlers leek in eerste instantie een oplossing te bieden, maar kampt door een eendimensionale interpretatie met interne spanningen. De nog bredere en ambitieuzere Behavioural Public Policy-agenda biedt nieuwe perspectieven, maar moet op functioneel en ethisch vlak nog verder onderbouwd worden.


Pieter Raymaekers
Pieter Raymaekers is onderzoeker en vormingscoördinator bij het KU Leuven Instituut voor de Overheid. Zijn onderzoek focust op de toepassing van gedragsinzichten en nudging in beleid.

Marleen Brans
Marleen Brans is gewoon hoogleraar aan het KU Leuven Instituut voor de Overheid en schatbewaarder van de International Public Policy Association. Ze verricht voornamelijk onderzoek over de productie en consumptie van beleidsadvies.

    Naar aanleiding van 25 jaar Vereniging voor Beleidsonderzoek staat dit artikel stil bij de rol van beleidsonderzoek. Het belang daarvan wordt nogal eens onderschat – zowel door beleidsmakers als onderzoekers zelf. Vanuit een wat breder perspectief bezien blijkt het voor de huidige samenleving – getypeerd als ‘een pragmacratie’ – echter een onmisbare functie te vervullen. Beleid en praktijk zijn vaak indirect gebaseerd op wetenschappelijke concepten, onderzoeksresultaten en toekomstverkenningen. Vooral de sociale wetenschappen maken zichtbaar wat mogelijk is, en beleidsonderzoek doet dat dan ook nog eens op een tijdige, oplossingsgerichte manier. Daarbij zijn er verschillende manieren om impact te hebben, waarbij de beleidsonderzoeker moet vasthouden aan zijn onafhankelijkheid en controleerbaarheid.
    Dit artikel is een uitwerking van de lezing van Hans Boutellier op het VBO-congres op 7 november 2019 en is gebaseerd op het gelijknamige hoofdstuk uit Het seculiere experiment: Over westerse waarden in radicale tijden (herziene versie, 2019). Zie ook het essay van Peter van Hoesel, Beleidsonderzoek in de periode 1970-1995, Beleidsonderzoek Online februari 2020.


Hans Boutellier
Hans Boutellier is wetenschappelijk adviseur van het Verwey-Jonker Instituut, alsmede bijzonder hoogleraar Polarisatie en veerkracht aan de VU Amsterdam.

    Beleidsonderzoek is een vak dat in de afgelopen vijftig jaar geleidelijk is ontwikkeld tot een echte professie. In dit essay wordt de eerste helft van deze periode beschreven en op diverse punten vergeleken met de huidige situatie. De terugblik bestaat uit drie onderdelen: professionalisering; relatie met opdrachtgevers; ambachtelijke aspecten.


Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was gedurende zijn gehele loopbaan actief als beleidsonderzoeker bij meerdere onderzoeksbureaus. Hij geeft regelmatig adviezen ten behoeve van beleidsevaluaties bij enkele ministeries. Hij is auteur en redacteur van diverse boeken over beleidsonderzoek.

    Q-methodologie is een nog relatief onbekende onderzoeksmethode, met veel potentieel voor beleidsonderzoek en -analyse. De benaderingen, doelen en onderzoeksvragen in verschillende toepassingen lopen uiteen, maar vertonen ook duidelijke overeenkomsten. In dit artikel beschrijven we de belangrijkste theoretische en analytische bouwstenen van de methode, en een praktijkgericht 10-stappenplan waarmee men snel zelf aan de slag kan met Q-methodologie. Op basis van een aantal toepassingen van Q-methodologie in Nederland en Vlaanderen laat dit artikel op inzichtelijke wijze zien wat Q-methodologie toevoegt aan de toolbox van beleidsonderzoekers. Naast de theoretische achtergrond van de methode biedt deze bijdrage een praktisch stappenplan voor het gebruik van de methode in de praktijk.


Ellen Minkman
Ellen Minkman is werkzaam aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Astrid Molenveld
Astrid Molenveld is verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en de Universiteit Antwerpen.
Kies uw weergave Covers view Covers view